Review Alcatraz Hard Rock & Metal Festival 2017: zaterdag 12 augustus

Datum: 
zaterdag, 12 augustus, 2017

Na de eerste geweldige avond van Alcatraz Hard Rock & Metal Festival, had dag twee nog veel meer lekkers in petto. Die dag begon wel in mineur want de regen die 's nachts goed uit de lucht kwam vallen was nog niet over. Het grasterrein lag er bij het betreden al modderig bij en de regen hield duidelijk veel mensen nog tegen om vroeg naar het festival te komen.

Rage mocht de dag openen om 10:45 en dat terwijl de avond ervoor pas eindigde om half twee 's nachts. Een fenomeen dat zich ook de volgende dag zou herhalen en tevens nieuw dit jaar, door het tweede podium is het aantal bands immers de hoogte ingegaan. Voeg daar nog slecht weer aan toe en de beperkte opkomst voor Rage was onmiddellijk te verklaren. Hebben zij die nog lagen te slapen, zich klaarmaakten, onderweg waren of gewoon schuilden voor de regen iets gemist? Helaas (of gelukkig) niet. Het Duitse drietal putte onder andere uit hun nieuw album genaamd Seasons Of The Black om ook dat in de kijker te zetten. Het deerde de vroege festivalganger echter niet veel. Rage speelde prima (ondanks enkele technische problemen), de gitaarvirtuozen Peavy en Marcos scheurden er op los terwijl Peavy zong en Marcos (wonende de Antwerpen) maakte tussendoor in gebrekkig Nederlands enkele grapjes, maar kwam het door de regen, het vroege uur of de trieste opkomst, het geheel sloeg niet aan. Peavy is ook al beter bij stem geweest. Ze brachten ook nog een ongelukkig gekozen cover van Dio's Holy Diver, die later op de dag uiteraard overklast werd door Last In Line, m.a.w. ze hadden beter een eigen nummer gekozen of voor een andere cover geopteerd. Vorig jaar zagen we fantastische openers zoals Thundermother, maar niet deze keer jammer genoeg. Volgende keer beter, Rage. (Tim Vermoens)

De West-Vlamingen van King Hiss hadden de eer om de Swamp stage te openen. Zoals we van hen gewend zijn, deden ze dat met verve. Het wederom voortreffelijke geluid in de Swamp stage liet de energieke muzikale mengeling (stevige rock met de nodige metal- en stoner-invloeden) van King Hiss goed tot zijn recht komen. De scherpe riffs van gitarist Josh, de solide ritmesectie van bassist Dominiek en drummer Jason en daaroverheen het indrukwekkende stel longen van zanger Jan, het publiek smulde ervan. In het dik half uur dat King Hiss mocht spelen, kregen we vlammende versies van onder andere La Haine, Snakeskin, Mastosaurus, Killer Hand en als afsluiter Homeland. King Hiss gaf weer een uiterst aardig visitekaartje af en grijpt elke gelegenheid aan om zich hogerop te werken en dat verdienen ze ook. We kijken al uit naar hun volgende concert. (Rick)

Met Sweet Savage stond er een oude glorie uit de new wave of British heavy metal op de affiche. Deze Noord-Ieren waren vooral actief in de periode 1979-1982 en kenden nadien meerdere reünies, onder andere dankzij het feit dat Metallica in 1991 de Sweet Savage-song Killing Time coverde als B-kantje voor de Metallica-single The Unforgiven. En dit was natuurlijk het hoogtepunt van hun festivalset, samen met de cover van Whiskey In The Jar. Aan enthousiasme ontbrak het zanger/bassist Ray Haller en zijn twee kompanen niet, maar het muzikale geheel klonk toch wat rommelig en kwam enigszins gedateerd over. Gemiste kans ook dat voormalig gitarist Vivian Campbell (zie ook Dio, Def Leppard, Last In Line) verkoos om het hele concert aan de zijkant van het podium te blijven staan in plaats van even de gitaar te omgorden om een nummertje mee te spelen. (Rick)

Een rasecht buitenbeentje in de Alcatraz-programmatie was toch wel Monkey3. Deze psychedelische stonerrockband uit Zwitserland heeft vooral puur instrumentale muziek op plaat uitgebracht en bracht daarvan een sterk staaltje door hun tweede schijf '39 Laps' integraal te brengen. We kregen soundscapes voorgeschoteld die ook zonder het consumeren van hallucinogenen best te appreciëren waren. Het Zwitserse viertal kwam sterk voor de dag en wist de aanwezigen te boeien, ook al was niet de grote massa komen opdagen. Weetje: '39 Laps' verscheen in 2006, net als Monkey3's debuutplaat in 2003, op het Belgische label Buzzville Records. Wie Monkey3 live wil beleven, begeeft zich op 25 september 2017 naar de Magasin 4 in Brussel. (Rick)

Op Death Angel hebben we niet lang moeten wachten. Niet alleen kan dit zowat de huisband van het festival genoemd worden, ze speelden ook al een maand geleden op Antwerp Metal Fest als headliner. Huisband is misschien overdreven, de Bay Area thrashers speelden in totaal vier maal op het festival, maar toch worden ze zo aanzien, zo ook de aankondiging van de band voor het optreden. Geen headlinerstatus hier op Alcatraz, zelfs vrij vroeg op de dag geprogrammeerd. Het deerde zowel hen als het publiek niet, Death Angel stond zoals altijd garant voor een thrash metal feestje. Niet alleen haalde Death Angel materiaal uit hun klassiekers als The Ultra-Violence of Act III, ook nieuwe nummers kwamen aan bod bv. uit het recente The Evil Divide. Ze schoten uit de startblokken met de combo The Ultra-Violence en Evil Priest en het publiek reageerde als uitgelaten gekken. Dit zou het hele optreden lang duren, moshpits en crowdsurfers a volonté ondersteund door de dynamiek en energie van de band en de bindteksten van zanger Mark Osegueda. Death Angel transformeerde het festivalterrein voor de eerste keer vandaag in een 'war zone'. (Tim Vermoens)

High On Fire is een Amerikaans trio uit Oakland dat in 1998 opgericht werd en onder aanvoering van zanger/gitarist Matt Pike een mengeling van smerige sludge en stoner brengt. Kenmerkend is de dominante rol van de gitaarriff en de karakteristieke sound die Matt Pike uit zijn versterkers laat rollen. We kregen tijdens deze festivalset een doorsnede van hun discografie voorgeschoteld met songs uit vijf verschillende cd's. Criticasters noemen hun sound wel eens monotoon en repetitief maar High On Fire is zo'n typische act die zich in het zweet werkt en hun publiek meeneemt op een trip (al dan niet onder invloed van één of andere substantie). (Rick)

Last In Line is een hard rock-groep met onder andere twee leden die vroeger nog bij Dio speelden (gitarist Vivian Campbell en drummer Vinnie Appice) en brengt een ode aan de in 2010 overleden Ronnie James Dio. Dat doen ze niet alleen door songs van Dio te coveren op een gesmaakte manier, maar ook middels hun eigen nummers die de geest van Dio uitademen. Zanger Andrew Freeman kweet zich uiterst bekwaam van zijn taak om in de voetsporen van Dio te treden en het publiek genoot zichtbaar van de nostalgietrip. Liedjes zoals Stand Up And Shout, Holy Diver, The Last In Line, Rainbow In The Dark en We Rock deden de vuisten in de lucht gaan en werden luidkeels meegebruld. Maar Last In Line is niet zomaar een coverband, daarvoor is de artistieke verdienste van hun eigen cd 'Heavy Crown' niet zomaar te verdoezelen en daarvan getuigden Devil In Me, Martyr en Starmaker (opgedragen aan Jimmy Bain, de bassist die zowel bij Dio als Last In Line actief was maar in januari 2016 overleed). Hulde voor dit sympathieke optreden van Last In Line. (Rick)

Met Brant Bjork stond er een legende op de Swamp stage. Zegt de naam je niet onmiddellijk iets, dan toch wel Kyuss. Bjork was namelijk de drummer van deze cultband alsook oprichter. Hij gaat al jarenlang solo verder maar brengt vergelijkbare stonerrock om op weg te dromen. Hij nam on stage de gitaar en zang op zich, Bjork is namelijk een multi-instrumentalist die zowat overal mee overweg kan. Echter kwam het geheel op Alcatraz (of misschien het stoner genre in zijn geheel?) niet volledig over. Houdt de organisatie zich misschien beter aan het stevigere werk? Het is slechts een bedenking die we ons maken, die uiteraard kan weerlegd worden. Fans had de heer Bjork zeker en vast wel, maar een volgepakte tent was niet te verwachten en dat was ook niet het geval. (Tim Vermoens)

Iced Earth begon met een donderslag aan hun optreden. Het eerste nummer dat de Amerikanen speelden was van hun recent uitgekomen album Incorruptible, namelijk de hit The Great Heathen Army. Een krachtiger begin konden we ons niet voorstellen. Ook Seven Headed Whore (what's in a name) werd van het nieuwe album geplukt maar daar bleef het bij, Iced Earth dook samen met het publiek hun lange historie en rijke discografie in. De oeroude tonen van Pure Evil met daaropvolgend flitsend vingergitaarwerk van mastermind Jon Schaffer en jonkie Jake Dreyer (pas 25 jaar en al bij Iced Earth mogen spelen, een beloftevol talent dus) weerklonk al snel herkenbaar in menig oor. 

Vooral het album Dark Saga kwam uitgebreid aan bod, iets dat de laatste jaren wel vaker het geval is. We prijzen de band dat opnieuw My Own Savior met zijn shreddende gitaarriffs en krachtige tekst in de setlist was opgenomen. Met deze terugblik blijkt dat het album Something Wicked This Way Comes ook goed vertegenwoordigd was. Met reden want dit blijft een fantastisch album. Burning Times waarin Stu Block nogmaals zijn schelle vocals kon gebruiken en afsluiter Watching Over Me waren hier de grote voorbeelden van. Het hele publiek leek mee te zingen met de metalvuist in de lucht. Iced Earth veroverde de weide van Alcatraz! Echte prison-muziek. (Tim Vermoens)

Welke band is er geschikter om op de Swamp stage te staan dan de zompigste aller deathmetal bands: Obituary? Het lijkt wel alsof deze Amerikanen aan een nooit eindigende tournee bezig zijn want de afgelopen drie jaar hebben we ze al vijf keer live mogen aanschouwen op Belgische bodem. Dat dit niet leidt tot metaalmoeheid blijkt zowel uit de geïnspireerde set als uit het talrijk opgedaagde publiek, voor het eerst dit weekend bereikte de Swamp stage bijna zijn volledige capaciteit.

Verrassingen of tierlantijntjes hoef je bij Obituary niet te verwachten, wel loodzware pompende riffs, moddervette baslijnen, ingehouden (en net daarom erg dreigende) drums en een zanger die zwavelzuur gorgelt. Waar Obituary op plaat nogal eens langdradig durft te worden is het live steeds weer een feest en men slaat elkaar bijgevolg vriendschappelijk de schedel in op fijne deuntjes als Internal Bleeding, Chopped In Half en het obligate Don’t CareAls de eerste tonen van klassieker Slowly We Rot weerklonken, werd dan ook verbaasd op horloges en smartphones gekeken want de tijd is letterlijk voorbij gevlogen en dat is altijd een goed teken.

Bij deze wil ik ook van de gelegenheid misbruik maken om enkele woorden te richten tot Vincent Van Quickenborne. Beste Vincent, ik vind het geweldig dat je als burgemeester van Kortrijk en notoir metalfan je schouders zet onder Alcatraz en het festival op alle mogelijke manieren ondersteunt. Toch moet mij ook iets van het hart. Zou ik je vriendelijk mogen vragen om in het vervolg iets minder prominent op het podium aanwezig te zijn? Ik kan begrijpen dat je zo enthousiast bent over een band dat je even vergeet waar je je bevindt maar het is zowel voor publiek als artiest fijner wanneer de spotlights op de muzikanten gericht staan en niet op gasten die uit de coulissen opduiken. Je mag daarbij van geluk spreken dat de heren van Obituary notoire goedzakken zijn want flik dit bij pakweg Watain en je eindigt als veevoeder. Bedankt voor je enthousiasme en steun maar probeer jezelf in het vervolg een klein beetje meer in te tomen. (Avon Moltoy)

Toen Alcatraz nog een bijna exclusief thrash festival was behoorde Testament bij de absolute toppers maar vandaag moeten de Bay Area thrashers zich tevreden stellen met een plaats net over de helft van de affiche. Niet dat Chuck Billy en de zijnen er ook maar één seconde van wakker liggen want Testament is gekomen met een duidelijk doel: het terrein herschapen in een slagveld. Met Brotherhood Of The Snake uit het laatste en gelijknamige album startte men nog enigszins met de handrem op maar al snel gingen alle remmen los en stuiterden en botsten de halfnaakte lichamen tegen elkaar onderwijl begeleid door frisse deuntjes als Electric Crown, het aan de de moshpit gewijde Into The Pit en Over The Wall. Tijdens Practice What You Preach ging het dak er helemaal af en verscheidene mensen verlieten zelfs de frontstage omdat het er bij momenten net iets te heftig aan toe ging.

We hebben Testament wel al strakker weten spelen dan vandaag en gedurende het hele concert leek er een doffe bijklank op het geluid te zitten alsof er watten in de versterkers waren gepropt. Ondanks die technische minpunten wist Testament de gemoederen toch flink op te hitsen en na een furieus The Formation Of Damnation mocht men dan ook tevreden terugblikken op een minder perfect maar zeer geslaagd optreden. (Avon Moltoy)

Tijd voor nog een stoner band: Sleep. Hier gaan we gewoon kort over zijn, programmeer deze band elders. Natuurlijk hebben de muzikanten talent waar niemand aan kan twijfelen, maar hun bandnaam hebben ze vooral tussen al die zwaardere bands op de dag niet gestolen. De tent had zo goed als de laagste opkomst van de dag. Ze konden gewoon slechts een miniem aantal fans boeien, dan deed High On Fire toch beter. We vernoemen deze band omdat niemand minder dan Matt Pike in beide bands speelt, een dubbeloptreden voor hem dus dit jaar hier op Alcatraz. Was het misschien een package te nemen of te laten, beiden of geen? Nu, niemand hoeft elke band te gaan zien en met zo'n strak tijdschema dit jaar was dit voor velen het uitgelezen moment om even tot rust te komen. (Tim Vermoens)

Eerder op de dag had Testament af te rekenen met een minder goed geluid, bij Venom was dit euvel duidelijk overwonnen maar was het de frontman zelf die roet in het eten gooide. Cronos stond er bij met een gezicht alsof hij er achter was gekomen dat iemand zijn behoefte had gedaan in zijn broodrooster. Hij werkte zich routineus en bij momenten zelfs verveeld door de set ondanks de inspanningen van zijn muzikale huurlingen om er toch nog iets van te maken.

Daarbij hielp het bovendien niet dat de man er voor koos om in het begin van het concert vooral te putten uit recent werk, het eerst half uur passeerde enkel Bloodlust als oudje. Gelukkig waren er ook de eerste pyro's van de dag om extra te entertainen. Voor alle duidelijkheid; de laatste Venom platen zijn geen slechte albums maar met zo’n rijke discografie is het bijzonder moeilijk om uit de schaduw van het verleden uit te komen. From The Very Depths, Long Haired Punks, Fallen Angels, … stuk voor stuk degelijke nummers maar net niet goed genoeg.

We vreesden helemaal voor een fiasco wanneer dan eindelijk Welcome To Hell toch de revue passeerde en het nummer finaal de nek werd omgedraaid door er een saaie midtempo versie van te brengen. Het kalf leek verdronken maar plots gloorde er dan toch nog hoop met een vileine uitvoering van Countess Bathory, een degelijk Black Metal en een ouderwets furieus Witching Hour. Cronos en kompanen verlieten alsnog met opgeheven hoofd het podium maar het was vandaag met de hakken over de sloot. (Avon Moltoy)

Olve Eikemo alias Abbath is reeds gedurende geruime tijd onze favoriete frontman. De man beschikt immers over eigenschappen die binnen de black metal vrij zeldzaam zijn namelijk een geflipt gevoel voor humor en gezonde zelfrelativering. Eigenschappen die overigens geen enkele invloed hebben op de muziek van de brave man want Abbath speelde vandaag de Swamp stage finaal aan spaanders.

Gezegend met een kraakhelder geluid slingerde men meteen de drie beste nummers van het debuutalbum de tent in; To War, Winter Bane (wat een dijk van een song) en Ashes Of The Damned. Na dit triumviraat grabbelde men rijkelijk in het muzikale verleden van de frontman, te beginnen met Warriors van het onderschatte project ‘I’.

Maar eerlijk is eerlijk, de meeste fans keken vooral uit naar de Immortal nummers die vandaag op de setlist stonden en mijn god, wat werden die verwachtingen ingelost. Nebular Ravens Winter, In My Kingdom Cold en Tyrants hadden we nog enigszins zien aankomen, One By One was een leuke aanvulling op dit midtempo aanbod maar wie had kunnen denken dat een furieuze en snelle kraker als Solarfall nog eens de setlist zou halen? Het publiek reageerde uitzinnig en nekwervels werden aan formidabele G-krachten blootgesteld. Count The Dead en –alweer- Immortal parel All Shall Fall sloten een memorabel concert af. Benieuwd of Immortal (inmiddels minus Abbath) dit ooit zal kunnen evenaren. (Avon Moltoy)

Saxon, moeten we de geschiedenis van deze Britse heavy metalband nog uit de doeken doen? Dat dachten we inderdaad niet. Saxon verdient het al eens om een headliner op een festival te mogen zijn, dank u daarvoor, Alcatraz! De oude rotten hebben nooit dezelfde status weten te bereiken als hun collega's van Iron Maiden, maar moeten met hun rechtoe-rechtaan heavy metal niet aan kwaliteit inboeten. Hits genoeg in hun arsenaal en daar werd het publiek mee verwend. Er werd energiek gestart met enkele recente kleppers als Battering Ram en Let Me Feel Your Power en hoewel de stem van Biff Byford live iets minder krachtig klinkt dan op cd, een zeer geslaagde start. Lang moesten de fans niet wachten op de klassiekers, Motorcycle Man, Power and the Glory, 747, ... Het passeerde allemaal de revue. Naar het einde toe werd aan een climax gewerkt met Heavy Metal Thunder en Princess of the Night voor de band even het podium verliet. Ze kwamen terug om natuurlijk nog onder andere Wheels of Steel en Denim and Leather te brengen. Hoewel het publiek mondjesmaat het voor bekeken hield en er dus een iets mindere opkomst leek te zijn gedurende het optreden, kunnen we toch spreken van een geslaagde én verdiende headliner. Saxon did it again. (Tim Vermoens)

Met een late night aftershow mocht Wolves In The Throne Room nog na Saxon de tweede festivaldag eindigen. Een heuse opdracht en helaas voor hen, zoals verwacht, was de Swamp stage zelfs niet meer half gevuld. Velen hielden het na (of zelfs al tijdens) Saxon voor bekeken. Wie echter nog zin had in een potje black metal of dat laatste pintje op het festivalterrein kon hier nog even een uur lang vertoeven. Toegegeven, ook wij zijn niet meer tot het einde van dit optreden gebleven, daarvoor was enerzijds de nacht van vrijdag op zaterdag te kort, de dag te vroeg gestart en al heel wat kwaliteits-metalen-geweld over ons gegooid, Wolves In The Throne Room kon dit niet meer overtreffen en dat deden ze ook niet. De band kwam heel traag op gang met een minutenlange intro, ondersteund door kleine brandende voorwerpen en rookeffecten. Toen plots de eerste grunts en versneld tempo weerklonken leek de boel pas echt gestart te zijn. Wolves In The Throne Room is zelfs binnen de black metal wereld een niche, het is iets dat je moet ondergaan en in de Swamp stage kwam hun atmosferische black metal zeker tot zijn recht. Laten we hen zeker nog eens aan het werk zien in een kleine tot middelgrote zaal gevuld met hun echte fans en genre-geïnteresseerden, waar de sfeer meer zal heersen! (Tim Vermoens)

Bekijk alle foto's in het photo report van dag twee en lees de verslagen van vrijdag en zondag.

Categorie: