Review Sólstafir @ Trix Club

Datum: 
dinsdag, 12 maart, 2019

Wat vier extra strijkers al niet kunnen doen. Sólstafir tourt momenteel met vier dames op cello en viool die hun muziek kracht bij zetten. Wie dan zou denken dat dit een zachter Sólstafir geeft, komt wat bedrogen uit. Wat we wel kregen was een fantastisch en episch concert, opgedeeld in twee verschillende sets. De koude vlakten rond Reykjavik kon je bijna ruiken.

 

In de eerste set bleek al snel dat zanger Aðalbjörn Tryggvason erg goed bij stem was. Hij kon zeer gemakkelijk de hoogte in en kon deze noten ook perfect aanhouden. Zijn geroep ging door merg en been. Ook al verstond je totaal niet wat hij zong (bijna alle teksten zijn in het Ijslands), zijn expressies en emoties doen je meeleven met de muziek en teksten. Opener Náttmal zorgde al meteen voor twintig minuten kippenvel, maar bij 'Ótta' gingen alle registers open. Er werd snedig op gitaar gespeeld en de strijkers zorgde ervoor dat het nummer extra in de verf gezet werd. Meteen werd ook duidelijk hoe goed de livemix was. De muziek stond niet te luid (dank u, Joke Schauvliege) maar alles was perfect hoorbaar. De kleine club werd zo meegezogen in de muziek dat iedereen er stil van werd.

Maar ook als het harder ging, werd er lustig gespeeld. Bassist Svavar Austmann, zowat de enige man die echt goed staat met 'Heidi aus Tirol' vlechtjes, stond mee te dansen en te headbangen alsof het een lieve lust was. Na een prachtig gezongen Miõaftann, dat vooral leunde op het strijkkwartet, kwam er een klein dankwoordje van Tryggvason en een korte pauze. Deze pauze nam jammer genoeg de vaart wat uit de set, dat ervoor zorgde dat tijdens Lágnǣtti eerder het publiek te horen was. Ook Hvit Sǣng werd eerder gestoord door het luid pratende publiek. Maar niemand kon zich voorbereiden op wat er toen kwam. Tryggvason nam het woord en vertelde over Kitty, een vriend van de band die tien jaar geleden stierf aan een depressie en verslaving. Hij maande iedereen aan die met hetzelfde probleem zit of als je iemand kent met dat probleem, te praten, met iedereen, want het is een duistere ziekte die niemand alleen kan overwinnen. Na een luid applaus zette ze samen een prachtige versie van Necrologue in, een Engelstalig nummer dat je bij de keel greep. Meteen zaten we met zijn allen rond een vuurtje bovenop de Vatnajökull-gletsjer, te toosten op Kitty. Dit was dan ook het hoogtepunt van de avond. Er kwamen zelfs enkele zakdoekjes boven, die volgesnotterd weer werden weggestoken. 

Eigenlijk waren Fjara en Kuki er bijna aan voor de moeite. Zeer prachtig gespeeld, zeer goed gezongen, maar je voelde dat iedereen nog in Necrologue en bij Kitty zat. Om daar iets aan te doen liet Tryggvason het publiek meeroepen tijdens Goddess of the Ages, een kopstoot van een afsluiter, dat het eerdere zwaardere metal-verleden van de band liet bovenkomen.

Wat we zagen in Trix was een prachtig, episch, perfect klinkend Sólstafir, dat liet zien dat er ook voor post-metal een plaats bestaat in de muziek-annalen. De strijkers mogen vanaf nu een vast onderdeel van de band worden, want wat zij doen voor hun muziek is nog nét dat ietsje meer. Dat ze in Ijsland fantastische groepen hebben wisten we al langer, maar Sólstafir bewees dat ze toch ongeveer bovenaan dat lijstje staan. 

Categorie: